(Z)WAAR OF NIET

Dat het anders wordt na verloop van tijd is absoluut waar. Soms (vaak) is het namelijk moeilijker, verdrietiger, dieper en wanhopiger dan in het begin. Dat het makkelijker wordt, minder zwaar, na een jaar, dat is dus voorlopig nog niet waar. Wat wél waar is, is dat de zee van tijd tussen jou en mij alsmaar uitdijt. Soms lijkt die zee meer op een dorre woestijn, ik hoop maar dat dat niet klopt, want ik wil liever een zee. Veel fijner, qua meedrijven, dobberen en watertrappelen. 


Hoe het ook zij, jij bent er dus alsmaar méér niet bij, dat is waar. De gewone dingen, zoals boodschappen doen en me dan verkneukelen als ik allerlei extra lekkers voor jou insla, of thuiskomen na een werkdag, of wakker worden na een nacht: daar ben jij niet bij. 

Bijzondere dingen, zoals die prijs die ik laatst won in een kerstverhalenwedstrijd, of dat er ineens heel veel sneeuw bleef vallen (ná kerst): allemaal niet met jou. En je bent er óók niet bij stomme, angstige, nare dingen, zoals ongeveer al het wereldnieuws lately, plus het feit dat ik soms mijn adem niet rustig krijg omdat alles dan zo kut is. 

Bij leuke dingen ben je ook niet, net zomin als bij nieuwe dingen, oude dingen, lichte dingen, zware dingen, dingen met een goede afloop of een slechte, met een luchtje eraan of een gouden randje eromheen, dingen die paars zijn, groen, rond, gestippeld, vierkant, kort, lang, saai, bruisend, stekelig, of weet ik veel wat voor dingen allemaal. Jij bent bij geen enkel ding. 

Dat ik toch maar opsta en aan de dag begin is ook waar. 

Dat het vaak letterlijk zeer doet in mijn hart: waar.

Dat afleiding helpt, eh….nou nee. Niet waar. Niet echt. 

Dat het leven toch ook de moeite waard is: ik geloof echt wel dat dat waar is. Ik moet alleen nog ontdekken waarom ook alweer. Daar ben ik mee bezig.

Zo heb ik bijvoorbeeld ondertussen een man in huis. Da’s voor het eerst, inderdaad. Dit exemplaar zwierf ongechipt over straat met een gewonde poot. Aangereden waarschijnlijk, en door een oplettende kerstbomenverkoper naar een dierenarts gebracht (dit had ook een winnend kerstverhaal kunnen zijn). De gewonde poot bleek niet meer te redden, er volgde een ingreep. Daarna is de onfortuinlijke zwerver, driepotig inmiddels, naar het asiel gebracht. Ik heb hem geadopteerd en noem hem Dries, dat vond ik toepasselijk (je mag het ook schrijven als 3’s). Wij snappen elkaar, vanwege dat geamputeerd zijn. En dan opnieuw moeten leren hoe je weer een beetje soepel loopt en sprongetjes maakt, van vreugde of uit speelsigheid, of gewoon omdat sprongetjes maken bij je hoort. Dat zoiets opnieuw leren best zwaar is, dat is dus ook waar. 

Maar als Dries het kan, kan ik het ook. (Z)waar of niet.

Reacties

  1. Prachtig weer Caroline, zoals jij woorden geeft aan emoties als verdriet en rouw.
    Christa

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Heel mooi.. weer een traan ❤️

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Dries doet schoorpotend driest, zoals dieren vaak doen om een nieuw evenwicht te ontdekken, naast ook hun rouw omdat het door verlies anders gaat en anders moet. Wiebel wabbel driest. Natuurtalenten, spinnende natuurtalenten. Fijn voor hem dat jij hem een warm liefdevol bestaan geeft en hij jou zijn zijn geeft. Ik wens je mensenkracht toe in het schoorvoetend zijn en moeten willen ontdekken.


    Marjan

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Wat een mooie poëtische ode Marjan…❤️

      Verwijderen
  4. Dries boft met jou, en jij met hem!

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Een soort hondje, maar dan anders? Voor je het weet zit ie in je hart ❤️

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Precies Joyce, zoiets! En hij zit er al in…😊❤️

      Verwijderen
  6. Wat fijn dat jullie er nu voor elkaar zijn.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Och wat mooi weer… en dat dat sprongetjes maken gewoon bij je hoort, maar zo wiebelig is na een amputatie 🥰🙏

    BeantwoordenVerwijderen
  8. Dries en jij gaan elkaar helpen springen. Ik vind het geweldig!

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten